Box 3 is de Nederlandse belasting op vermogen: de belasting die je betaalt over je spaargeld, beleggingen en andere bezittingen. Je betaalt geen belasting over het echte rendement, maar over een vastgesteld fictief rendement — en alleen over het deel boven de heffingsvrije grens.
🥜 Kort uitgelegd
In box 3 ‘sparen en beleggen’ betaal je belasting over wat je bezit: geld op de bank, aandelen, obligaties, ETF’s, een tweede woning of een boot. Je vermogen gaat de aangifte in, maar een deel is belastingvrij: het heffingsvrij vermogen. In 2026 is dat € 59.357 per persoon (met fiscale partner: € 118.714 samen).
Alleen over het vermogen boven die grens betaal je. En de belasting wordt niet berekend over je echte winst of verlies, maar over een fictief rendement: de Belastingdienst gaat er vanuit dat je spaargeld 1,28% en je beleggingen 6% per jaar opleveren. Over dat fictieve rendement betaal je 36% belasting.
📚 Wat is box 3 precies?
De Nederlandse inkomstenbelasting kent drie ‘boxen’, elk met hun eigen belastingsoort:
- Box 1 — belasting over wat je verdient: loon, winst, pensioen en de eigen woning.
- Box 2 — belasting over een aanmerkelijk belang: als je 5% of meer van een bedrijf bezit.
- Box 3 — belasting over wat je hebt: je vermogen aan sparen en beleggen.
Box 3 heet officieel ‘inkomen uit sparen en beleggen’. Het is geen belasting op het vermogen zelf, maar op het rendement dat je volgens de Belastingdienst met dat vermogen maakt.
Wat telt er in box 3 mee?
- Bank- en spaartegoeden — al je geld op betaalrekeningen, spaarrekeningen en deposito’s.
- Contant geld — boven een vrijstelling van € 672 in 2026.
- Beleggingen — aandelen, obligaties, ETF’s, crypto en andere bezittingen die niet onder spaargeld vallen.
- Een tweede woning — een vakantiehuis of verhuurde woning. Je eigen huis hoort er niet bij; dat zit in box 1.
- Roerende zaken — een boot, caravan of kostbare auto, boven een vrijstelling.
- Schulden — geld dat je schuldig bent, zoals een consumptief krediet. Dat mag je aftrekken van je vermogen.
Wat is het heffingsvrij vermogen?
Over een deel van je vermogen betaal je geen belasting: het heffingsvrij vermogen. In 2026 is dat € 59.357 per persoon. Ben je het hele jaar fiscaal partners, dan staat jullie heffingsvrij vermogen op € 118.714 samen — het bedrag wordt dan verdubbeld, net als je vermogen.
Hoe wordt de belasting berekend?
De berekening werkt in drie stappen:
- Bereken je vermogen — tel je bezittingen op en trek je schulden eraf.
- Trek het heffingsvrij vermogen af — het deel dat overblijft is je grondslag.
- Reken het fictieve rendement uit — over de grondslag rekent de Belastingdienst met percentages per soort vermogen, en daarover betaal je 36%.
De percentages voor 2026:
| Soort vermogen | Fictief rendement |
|---|---|
| Spaargeld en banktegoeden | 1,28% per jaar |
| Beleggingen en andere bezittingen | 6,00% per jaar |
| Schulden | negatief rendement van 2,70% |
Let op: het tarief van 36% geldt over het berekende rendement, niet over je hele spaarpot. € 100.000 op de bank betekent dus geen belasting van € 36.000, maar belasting over een klein, vastgesteld percentage.
Waarom betalen spaarders belasting over geld dat ze niet hebben?
Die kritiek was jarenlang terecht. Voor 2023 rekende de Belastingdienst voor ál het vermogen met één hoog percentage, ook voor spaargeld dat vrijwel niets opbracht. De Hoge Raad oordeelde in 2021 dat dit in strijd was met het eigendomsrecht van spaarders. Sinds 2023 werken er daarom aparte, lagere percentages voor spaargeld, en kun je in sommige gevallen je werkelijk rendement opgeven in plaats van het fictieve.
💡 Voorbeeld uit de praktijk
Voorbeeld 1 — alleen spaargeld. Sanne staat alleen en heeft € 100.000 op haar spaarrekening.
- Vermogen: € 100.000
- Heffingsvrij vermogen 2026: € 59.357
- Grondslag: € 40.643
- Fictief rendement: 1,28% × € 40.643 = € 520
- Belasting: 36% × € 520 = € 187
Voorbeeld 2 — spaargeld en beleggingen. Thomas heeft € 50.000 spaargeld en € 50.000 aan aandelen en ETF’s, samen € 100.000.
- Grondslag (na heffingsvrij vermogen): € 40.643, naar rato verdeeld
- Spaardeel: 1,28% × € 20.322 = € 260
- Beleggingsdeel: 6,00% × € 20.322 = € 1.219
- Fictief rendement samen: € 1.479
- Belasting: 36% × € 1.479 = € 533
Wie meer spaargeld dan beleggingen heeft, betaalt dus veel minder dan wie hetzelfde bedrag belegt — precies omdat de Belastingdienst beleggen een hoger rendement toedicht.
❓ Veelgestelde vragen over box 3
1. Wat is het verschil tussen box 1, box 2 en box 3?
Box 1 belast wat je verdient (loon, winst, pensioen, eigen woning), box 2 belast een aanmerkelijk belang in een bedrijf (vanaf 5% aandelen) en box 3 belast je spaar- en beleggingsvermogen. De meeste mensen krijgen alleen met box 1 en box 3 te maken.
2. Hoeveel belasting betaal je over je spaargeld?
Over spaargeld rekent de Belastingdienst in 2026 met een fictief rendement van 1,28%. Van € 100.000 spaargeld is € 40.643 belast (boven de grens van € 59.357), en daarover betaal je zo’n € 187 belasting. De grens en percentages veranderen elk jaar.
3. Tot welk bedrag betaal je geen belasting over je vermogen?
In 2026 tot € 59.357 per persoon; met een fiscale partner tot € 118.714 samen. Daarboven telt alleen het deel dat overblijft mee in de berekening.
4. Betaal je box 3-belasting als je beleggingen verlies maken?
Formeel wel: de belasting wordt berekend over het fictieve rendement, niet over je echte resultaat. Was je werkelijke rendement lager dan het fictieve, dan kun je in bepaalde gevallen vragen om op basis van je werkelijke rendement te worden belast.
5. Verandert box 3 in 2027?
Ja. Vanaf 2027 stapt de Belastingdienst over op een stelsel op basis van het werkelijk rendement: je betaalt dan belasting over wat je daadwerkelijk hebt verdiend met je vermogen. Daarbij geldt geen heffingsvrij vermogen meer. De definitieve vorm wordt de komende periode verder uitgewerkt.
6. Wie moet box 3 opgeven in de aangifte?
Iedereen met vermogen boven het heffingsvrij vermogen. Je geeft je bezittingen en schulden per 1 januari op in de aangifte inkomstenbelasting. Banken en beleggingsinstellingen geven je tegoeden ook automatisch door aan de Belastingdienst.
🔗 Verder lezen
- Beleggingsvermogen valt onder box 3: Wat is beleggen?.
- Het bouwblok van al je beleggingen: Wat is een aandeel?.
- Uitkeringen uit je beleggingen: Wat is dividend?.
- Waarom je eigen huis níét in box 3 zit: Wat is hypotheekrenteaftrek?.
📚 Bronnen
- Belastingdienst — Box 3: inkomen uit sparen en beleggen: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/box-3/content/box-3-inkomen-uit-sparen-en-beleggen
- Belastingdienst — Berekening box 3-inkomen 2026 (rendementspercentages en heffingsvrij vermogen): https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/box-3/content/berekening-box-3-inkomen-2026
- Belastingdienst — Heffingsvrij vermogen: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/box-3/content/heffingsvrij-vermogen